NZa bezorgt over machtsconcentratie zorgverzekeraars

8 december 2014

De NZa is bezorgd over de machtsconcentratie onder zorgverzekeraars. Machtige verzekeraars op een intransparante markt zijn aanleiding voor een onderzoek door de toezichthouder.

Het zijn geen makkelijke weken voor de zorgverzekeraars: middenin het drukke premieseizoen raakte branchevereniging Zorverzekeraars Nederland verwikkeld in een rel omdat voorzitter André Rouvoet lid Chris Oomen op de vingers tikte vanwege zijn hem onwelgevallige mening. In dezelfde week kondigt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) aan haar aandacht naar de zorgverzekeringsmarkt te verleggen. De reden: de toezichthouder maakt zich zorgen over machtsconcentratie bij de zorgverzekeraars.

Dat zei de nieuwe NZa-directeur Maarten Ruijs vorige week in een speech. ‘Door de afschaffing van de ex-post verevening [waarmee verzekeraars achteraf een deel van hun negatieve resultaten op bepaalde risicogroepen vergoed kregen, EvA]  en de voorgenomen wijzigingen van artikel 13 van de Zorgverzekeringswet, is de machtspositie van de zorgverzekeraar versterkt,’ aldus Ruijs. ‘Concreet hebben we zorgen over de machtsconcentratie bij zorgverzekeraars. Dat betekent dat we bijvoorbeeld de concurrentie tussen verzekeraars onder de loep willen nemen.’

Kritiek: het lijkt wel een kartel
De zorgverzekeringsmarkt wordt eigenlijk al sinds het nieuwe stelsel in 2006 het levenslicht zag gedomineerd door de vier grote verzekeraars Achmea, CZ, VGZ en Menzis. Na een aantal fusies, met als laatste, in 2012, de fusie tussen Achmea en zorgverzekeraar De Friesland, zit er in het marktaandeel van de grote vier niet veel beweging. Samen verzekeren zij in totaal zo’n 90 procent van de Nederlanders. Dat resulteert in een machtsblok waar verschillende kleine collega’s wel eens kritiek op uiten.

Chris Oomen stelde in zijn interview met FTM – en doet dat vaker in de media – onomwonden dat de grote vier zich gedragen als een kartel. En collega Erno Kleijenberg, directeur van zorgverzekeraar ONVZ, vergeleek de grote vier tijdens TNS-Nipo’s Zorgdialoog 2014 enkele weken geleden met een oligopolie.

Onderzoek: machtsconcentratie en inkoopmacht
Toezichthouder NZa monitort de marktaandelen van de grote vier al jaren. Een woordvoerder: ‘Maar het hebben van een groot marktaandeel op zich hoeft niet per se een probleem te zijn. Wij hebben tot nu toe geen concrete aanwijzingen dat zorgverzekeraars die macht ook op een verkeerde manier zouden gebruiken.’

Er zijn wel redenen om nu specifiek de aandacht te richten op de zorgverzekeringsmarkt. ‘We zien ten eerste dat de exploitatieresultaten van verzekeraars de afgelopen jaren stegen. Daarnaast is ook het aantal verschillende polissen toegenomen. Dat zorgt voor een intransparante markt voor de consument.’ Daarnaast ziet de NZa dat zorgverzekeraars met de voorgenomen wijziging van artikel 13 van de zorgverzekeringswet – het op onderdelen inperken van de vrije artsenkeuze – meer macht krijgen. ‘Die combinatie van een intransparante markt met meer macht voor de zorgverzekeraars kan gevaarlijk zijn.’

Ook wijst de NZa erop dat verzekeraars een grotere prikkel hebben om geld te verdienen door het afschaffen van de ex-post verevening. Dat is een onderdeel van het systeem van risicoverevening waarmee zorgverzekeraars gecompenseerd worden voor verzekerden die vanwege bijvoorbeeld ziekte, leeftijd of sociaal-economische status een groter risico vormen. De compensatie vooraf voor die risicogroepen blijft in stand, maar de vergoeding achteraf na verrekening vervalt grotendeels. Daardoor komt er meer risico voor rekening van de zorgverzekeraar.

Inkoopmacht
Tot slot zal de NZa zich storten op de zorginkoop. Ruijs daarover in zijn speech: ‘De toegenomen macht van zorgverzekeraars leidt ook tot de vraag of deze macht op de inkoopmarkt richting de zorgaanbieders niet ten koste gaat van de publieke belangen.’ Daarbij richt de toezichthouder zich vooral op de zorgplicht die voor verzekeraars geldt.

Branchevereniging Zorgverzekeraars Nederland laat in een reactie weten geen mening te hebben over de voorgenomen onderzoeken door de NZa. Een woordvoerder: ‘Onze leden hebben te maken met een aantal verschillende toezichthouders wier werk het is om hen te controleren. Dat de NZa dat nu doet is wat dat betreft prima, dat is hun werk.’

Bron: www.ftm.nl

Terug